Waarom?

Waarom dit congres?

De eerste lijn is volop in ontwikkeling. Het aantal ouderen neemt toe: in 2030 zijn er circa 1 miljoen 65-plussers meer dan nu. Want in de komende tien jaar bereikt de geboortegolf uit de jaren 1945-1950 de 75-jaar. En ouderen van tegenwoordig zijn veel vitaler en assertiever dan de ouderen van ‘vroeger’. Ook verblijven steeds minder ouderen in grote woonzorgvoorzieningen of instellingen, maar wonen het liefst zo lang mogelijk thuis. Bovendien biedt e-health volop kansen voor het zelf bijhouden van gezondheidsgegevens, het maken van afspraken via het internet en het consulteren van professionals via mails en apps.

Actuele ontwikkelingen

Door de veranderende vraag, is de zorg en dienstverlening rond bewoners in de wijk aanzienlijk aan het veranderen. Zes relevante ontwikkelingen:

1. Er wordt een steeds groter beroep op huisartsenzorg, of beter nog, eerstelijnszorg, gedaan. Veel ziekenhuiszorg zal de komende jaren ook dichterbij de ouderen in de eerstelijnszorg gaan plaatsvinden.

2. Het aantal thuiswonende kwetsbare ouderen neemt sterk toe. Hierdoor stijgt ook de zorgvraag. Om zo lang mogelijk zelfredzaam te zijn, is samenhangende eerstelijnszorg en ondersteuning van kwetsbare ouderen van groot belang. Goede multidisciplinaire samenwerking tussen de huisarts, verpleging/verzorging en maatschappelijk werk is hierbij onontbeerlijk.

3. De wijkverpleging is nieuw leven ingeblazen. Sinds 2015 wordt die georganiseerd en betaald vanuit de Zorgverzekeringswet. De wijkverpleging dient de verbindende schakel te zijn tussen huisartsenzorg en het sociaal domein.

4. De gemeente speelt een grote rol sinds 2015, toen grote delen van de AWBZ naar de gemeenten werden overgebracht. Dat vraagt om goede afstemming tussen zorg en het sociaal domein.

5. Complexe zorgvragen zijn er vooral bij ouderen op hogere leeftijd, wanneer veel problemen zich tegelijkertijd manifesteren en de zorgverlening allengs ingewikkelder wordt.

6. Soms is de zorg en dienstverlening aan huis zo complex en zijn er zoveel spelers bij betrokken dat coördinatie een absolute vereiste is. Wie neemt deze taak op zich? De huisarts? een Praktijkondersteuner? Een wijkverpleegkundige uit de VVT-sector? En hoe wordt deze betaald?

Kortom, nieuwe ordening van de eerste lijn vanwege de complexere zorgvraag vraagt om nieuwe spelregels, om nieuwe ideeën en initiatieven.